dinsdag 1 november 2016

Rulle tartaartjes van rode bietjes

                                 
Hoi! Rulle tartaartjes. Ja ik zeg het er maar gelijk bij dat ze onsamenhangend zijn, die bietenbergjes, anders heb ik het straks weer gedaan natuurlijk. Rul, maar lekker, en in een wip bereid ook nog. Vlot bedoel ik, met 'in een wip'. De ingrediënten voor vijf flinke tartaren in deze wip zijn:

- 500 gram voorgekookte rode bietjes
- 1 ui
- 1 centimeter verse gember
- gemalen kruidnagel
- kaneel
- 7 grote eetlepels amandelmeel
- 200 gram champignons
- flink wat zout naar smaak dus kan ook weinig in plaats van flink maar ik doe flink

De bietjes zijn er nu nog helemaal bij met hun rode koppies. Ze geven me heldere aanwijzingen over de te volgen stappen: "Hak ons maar grof met je staafmixer. En daarna mag je die ui en dat centimetertje gember schillen en in piepkleine fluppeltjes snijden. Die snippertjes roer je dan goed door ons nattig overschotje heen, samen met wat snuffen kaneel, kruidnagel en zout." Aldus volg ik het bietadvies op. "Hang ons nu maar aan de waslijn en bouw een speelgoedwinkeltje in je trapkast!" roept het bietenprutje me toe. Best onsamenhangend al, vind ik. Ik volg deze instructies niet op. Saai.

Nee ik hak de geboende champignons in hele kleine stukjes en roer deze samen met zeven grote eetlepels amandelmeel door het rulle prutje. "Kikkererwtenbrulkikker! Laat ons door de wasstraat vliegen! En maak er een zwart op wit verslag van met blauwe vulpen voordat de zon in de fiets zakt!" Onsamenhangend gebrabbel. De oven is warm, om niet te zeggen heet: tweehonderd graden Celsius. Ik vorm en kneed een vijftal heuvels biet en leg ze op aluminiumfolie op de bakplaat. Bakpapier is beter maar dat heb ik niet voorhanden. Ik schuif de onsamenhangend frazelende bietenbulkjes in de oven en wacht 300 minuten. Nee nou raaskal ik zelf. Dertig minuten is ruim voldoende hoor, en driehonderd minuten zijn veel te veel.



Ik haal ze eruit. "Hockey met onze buren en aai de kerktoren!"roepen de rulle tartaartjes me enthousiast toe. "Ik eet jullie gewoon op, ook goed?" reageer ik. "Onsamenhangend gewauwel gek!" krijg ik terug. "Oké is goed!"



Ik eet er sla bij. En ik doe ook een tartaar met wat sla tussen twee stevige desemboterhammen. Zo blijft alles toch nog flink samenhangen.


Doei!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen