woensdag 15 november 2017

Spruitjes, kastanjes en pastinaak, een herfstgouden knuffelcombinatie


Hoi! Soms wil je knuffelen en worstelen tegelijk. Met je geliefde. Ik wel. Knorstelen noem ik dat. Of wuffelen*, ligt aan de sfeer. Herfstsfeer past zowel bij knorstelen als bij wuffelen, herfstig eten ook. Kastanje en spruitjes zijn erg knorstelig. Als je die combinatie proeft wil je wuffelen, toch? Zeker als er ook nog pastinaak bij komt kijken, dan wordt het helemaal gezellig en knuffelig! Dus hier, een warm troetelreceptje voor twee voor bij een knappend haardvuurtje en een zwoel rood wijntje.

Ingrediënten:
- 500 gram spruiten, gekapt, geknipt en gewassen
- 500 gram pastinaak, in frietvorm gesneden, als je wil, andere vormen zijn ook leuk, geen vormisme van mijn kant hoor, nee nee
- 1 centimeter of meer verse peper in ringetjes
- 1 ui in snippers
- 1 teen knoflook, fijngesneden
- 250 gram gekookte kastanjes
- geraspte nootmuskaat
- gemalen kruidnagel
- gemalen kaneel
- 1 klots balsamico
- 125 milliliter havermelk
- zout
- (olijf)olie om in te bakken
- verse bieslook

Die spruitjes laat je eerst even  een minuut of zeven, acht, voorknorstelen in kokend water, tot ze er net niet gaar genoeg van zijn. Hetzelfde wuffelproces ondergaat de geschilde en in (friet)vorm gesneden pastinaak, in een andere pan dan die van de spruitjes weliswaar. Spruitjes en pastinaak zijn niet in de stemming om elkaar in de pan te knuffelen vandaag. De pastinaak kookt wel door tot ie bijtbaar gaar is (kwartiertje ongeveer), dus je kunt hem ook wat later op het vuur zetten, logistiekgewijs.

Na het in wat olie aanfruiten van ui, knoflook en verse peper kunnen de spruitjes, na het afgieten, meebakken in hun pan. Gezellig. Ook de gekookte kastanjes gaan erbij en wat nootmuskaat, kruidnagel en kaneel. Blus die vrijpartij maar af met een klots balsamico. Nog steeds te heet? Tuurlijk, dat krijg je van dat geknorstel! Hop, havermelk erbij en laten sudderen maar! Sudderen, klinkt ook wel wuffelig hè?


Kun je ondertussen de gaar geknuffelde pastinaak afgieten en bestrooien met peper, zout en bieslook.

En daarna kan de tafel gedekt, kunnen de pannen op tafel en knorstelen maar. Of wuffelen. Maar niet te lang, anders wordt al dat lekkere eten koud, malloot!

Doei!

*knor·ste·len (knorstelde, heeft geknorsteld) /  wuf·fe·len (wuffelde, heeft gewuffeld)1knuffelworstelen of worstelknuffelen. Vaak gebezigd onder geliefden. Mee oppassen in de keuken



Geen opmerkingen:

Een reactie posten